Fading off the Grid [amsterdam alternative #17]

Voor de kleine evenementen in Pakhuis de Zwijger lukt het nog wel om ongeregistreerd naar binnen te lopen, maar aan de grotere kun je bijna alleen nog deelnemen als je reserveert, en daarbij gedwee akkoord gaat met het feit dat je met naam en toenaam (en liefst ook met foto) wordt genoemd op de website als deelnemer van dat event. 131.192 'leden' heeft Pakhuis de Zwijger naar eigen zeggen bovenaan de site, dat zijn mensen die zich wel eens hebben aangemeld voor een evenement. Kun je ongevraagd lid zijn van een club? Bij de Katholieke Kerk kan het, en bij Pakhuis de Zwijger blijkbaar ook.

Van het IDFA heb ik jaren geleden al afstand gedaan, toen je je ineens moest identificeren om de kaartjes die je online - ook al niet anoniem - had gekocht, op te kunnen halen. Ook in het theater ontkom je niet aan de registratietentakels. Terwijl menig theatermaker zich hard maakt voor de gezamenlijke beleving in de anonimiteit van de donkere theaterzaal, schroomt de organisatie niet om elke bezoeker bloot te stellen aan een grondig identificatieproces: adresgegevens, telefoonnummers en email adres zijn verplichte velden bij het kopen van een kaartje via de website; gebruikersprofielen worden opgesteld door de marketingafdeling; het kaartje via je telefoon gescand bij de deur; en enquêtes over wat jij ervan vond volgen onherroepelijk. Jaren later krijg je nog steeds ongevraagd het hele seizoenprogramma in de bus, al ben je misschien ooit één keertje in het betreffende theater geweest, hopende op wat anonimiteit in het donker.

Bijna standaard wordt op congressen en lezingen - ook als deze gaan over de surveillancemaatschappij, privacy, overheidsinmenging in het publieke domein enz. - elke beweging, elk uitgesproken woord, nauwlettend geregistreerd. Niet alleen de sprekers op het podium worden ononderbroken gefilmd en/of gefotografeerd, ook de mensen in het publiek, die er op dat moment slechts voor kiezen om toe te horen, krijgen om de haverklap ongevraagd een film- of fotocamera in hun gezicht. Van Felix Meritis tot in de kelderzaal van Paradiso, overal wordt je aanwezigheid vastgelegd alsof het de normaalste zaak van de wereld is. Toen ik vanuit de zaal een keer een vraag stelde aan een spreker over de ontheemding van bewoners in Istanbul als gevolg van de gentrificatie daar, vroeg de organisator mij of ik eerst wilde rechtstaan voor ik mijn vraag stelde, zodat de camera mij beter kon vastleggen.

Hoe meer mensen gelaten meegaan in deze ontwikkeling, hoe moeilijker het wordt om er nee tegen te zeggen. Probeer aan een theaterkassa maar eens een last minute kaartje te kopen voor een voorstelling zonder je naam en adres achter te laten. Soms worden je woorden "dat heb ik liever niet" met een knikje gerespecteerd, maar vaker klinkt het dat 'het systeem' een naam nodig heeft, en anders geen kaartje kan produceren. Als een illegaal sluip ik in de lezingenruimte Spui 25 langs de vrouw met de uitgeprinte namenlijst waarop ze de namen van de mensen die in de rij staan één voor één afvinkt. Als ze mij aanspreekt, en blijkt dat ik niet op de lijst sta, geef ik mijn naam op als een bekentenis. Nog moeilijker wordt het als je zelf als spreker ergens wordt uitgenodigd. Probeer de woorden "ik wil liever niet op Facebook" uit te spreken. Niemand zal zeggen, "nou nou, doe niet zo moeilijk", maar je geeft meer van jezelf bloot dan wanneer je gewillig op de foto gaat (misschien doen zoveel mensen het daarom ook - wat als je niet aardig gevonden wordt?).

Steeds meer word ik een grijze schim on the grid. Ik ga bijna alleen nog naar evenementen waar je je niet hoeft te identificeren. Betaal zoveel mogelijk cash. Hoe agressiever de surveillance en registratiedrang, hoe nauwer ik de capuchon over mijn oren trek, en doorloop. Ik ben een digitaal figuur dat langzaamaan verbrokkelt op het scherm, tot het profiel weggevaagd is en er slechts hier en daar wat onherleidbare puntjes overblijven.